Datum en tijdstip start overlast
Oorzaak
Geluid
Postcode
1394
Plaats
Nederhorst den Berg
Omschrijving Melding
"schiphollen" (overgankelijk werkwoord; schipholde, heeft geschiphold) 1(Nederlands) misleiden door manipulatie, leugens, het verdraaien van feiten enz. (welke handelwijze wel wordt toegeschreven aan het luchthavenbedrijf Schiphol in relatie tot de omwonenden van die luchthaven). "il·le·gaal" (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord; vergrotende trap: illegaler, overtreffende trap: illegaalst)1 in strijd met de wet. "cor·rup·tie" (de; v; meervoud: corrupties) 1 omkoping, omkoopbaarheid. "leu·gen" (de; v(m); meervoud: leugens) 1 onware mededeling met het doel om te misleiden. "sjoe·me·len" (sjoemelde, heeft gesjoemeld) 1 oneerlijke trucjes toepassen; = knoeien. "frau·de" (de; v(m); meervoud: fraudes)
1 bedrog, gepleegd door vervalsing van administratie. "mis·lei·ding" (de; v; meervoud: misleidingen) 1 bedrog. "ter·reur" (de; v(m)) 1 georganiseerd politiek geweld. "over·last" (de; m) 1 al te zware last 2 hinder, leed: overlast ondervinden van geluidsoverlast. "ziek" (bijvoeglijk naamwoord) 1 lichamelijk of geestelijk niet in orde: zo ziek als een hond erg ziek; daar word ik ziek van dat staat me gruwelijk tegen. "kwaad·aar·dig" (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) 1 geneigd tot het slechte 2 gevaarlijk: een kwaadaardig gezwel. "ge·we·ten·loos" (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord; vergrotende trap: gewetenlozer, overtreffende trap: gewetenloost) 1 geen morele verantwoordelijkheid kennend.
1 bedrog, gepleegd door vervalsing van administratie. "mis·lei·ding" (de; v; meervoud: misleidingen) 1 bedrog. "ter·reur" (de; v(m)) 1 georganiseerd politiek geweld. "over·last" (de; m) 1 al te zware last 2 hinder, leed: overlast ondervinden van geluidsoverlast. "ziek" (bijvoeglijk naamwoord) 1 lichamelijk of geestelijk niet in orde: zo ziek als een hond erg ziek; daar word ik ziek van dat staat me gruwelijk tegen. "kwaad·aar·dig" (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord) 1 geneigd tot het slechte 2 gevaarlijk: een kwaadaardig gezwel. "ge·we·ten·loos" (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord; vergrotende trap: gewetenlozer, overtreffende trap: gewetenloost) 1 geen morele verantwoordelijkheid kennend.
