Rekenkamer moet na Tata ook handhaving Schiphol onder de loep nemen

In januari 2021 uitte de Randstedelijke Rekenkamer zich kritisch over de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving op Tata Steel. De rekenkamer wilde een poging doen het vertrouwen van de omwonenden in de overheid te herstellen. Het is de hoogste tijd dat er ook zo’n onderzoek komt naar Schiphol. In het rapport over Tata worden harde conclusies getrokken over falend beleid door met name de Provincie Noord-Holland. Het zou taken overnemen die eigenlijk bij de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (ODNZKG) liggen en zelfs het werk van deze dienst dunnetjes overdoen. Dat bleek inefficiënt en het duidde op een gebrek aan vertrouwen in het handelen van de dienst. Maar ook ODNZKG zelf liet steken vallen. Het voorzag de provincie van onvoldoende informatie, maar dat werd dan deels weer veroorzaakt omdat de provincie onvoldoende had aangegeven welke informatie gewenst was. Dit falende functioneren leidde tot een groot wantrouwen onder de bevolking, waarbij openlijk werd getwijfeld aan de integriteit van de provincie en de omgevingsdienst. “Het gevolg is dat de verhouding tussen omwonenden, de omgevingsdienst en de provincie is daardoor gejuridiseerd”, vertelt de rekenkamer in het lijvige verslag. Extra werk hindert kerntakenHet levert de omgevingsdienst veel extra werk op en gaat ten koste van de primaire taken van vergunningverlening, toezicht en handhaving, de zogenaamde vth-taken. Het gevolg: vergunningen van Tata waren verlopen, beslistermijnen overschreden en voorschriften niet nageleefd. Exact eenzelfde situatie is ontstaan rond Schiphol. Daar is de situatie nog complexer omdat de vth-taken zijn verdeeld tussen de gemeente Haarlemmermeer, de provincie en het rijk. Veel van de taken van gemeente en provincie zijn uitbesteed aan dezelfde omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, maar een belangrijk deel ligt bij het Rijk – namelijk alles wat op Schiphol te maken heeft met de kernactiviteit vliegen. Dat het ook bij Schiphol spaak loopt blijkt wel uit de vele incidenten met vervuilde grond die ofwel onterecht niet wordt gesaneerd ofwel ‘per abuis’ wordt vermengd met schone grond, lekkende opslagbunkers en hergebruik van sterk verontreinigd asfalt voor de landingsbanen. Het zijn allemaal zaken waar de omgevingsdienst de vinger aan de pols zou moeten houden, maar dat onvoldoende uitvoert. Vergunningen Schiphol een janboelEn daar waar het rijk verantwoordelijk is voor de vergunningverlening is het al helemaal een janboel. Schiphol beschikt niet over de wettelijk verplichte natuurvergunning, werkt met een verlopen luchthavenbesluit en de uitstoot van kankerverwekkende stoffen door vliegtuigmotoren is door minister Harbers op onheuse juridische gronden onder tafel geschoven. Ook in het dossier Schiphol leidt de falende vergunningverlening, het ontbrekende toezicht en de compleet afwezige handhaving tot groot wantrouwen bij omwonenden die geen andere weg zien hun gelijk te halen via de rechter. Talloze juridische procedures lopen er inmiddels waarbij de overheid wordt verzocht te handhaven, haar kerntaak de bescherming van de leefomgeving te vervullen en om vervuiling en overlast een halt toe te roepen. Uit contacten met gemeente Haarlemmermeer en de ODNZKG blijkt keer op keer dat de controlerende ambtenaren heel graag hun taken naar behoren zouden uitvoeren, maar dat hun handen op de rug gebonden zijn. Er bestaat geen regelgeving, of Den Haag houdt initiatieven tegen via ‘algemene maatregelen van bestuur’. Gebrek aan daadkrachtMaar ook ontbreekt nogal eens daadkracht in de handhaving. Zo heeft Schiphol inmiddels voor de derde keer uitstel gekregen om de rapportage over de uitstoot van zeer zorgwekkende stoffen compleet op te leveren. Nu weer tot 1 september van dit jaar, terwijl die al op 1 januari van vorig jaar binnen had moeten zijn. Vanwege deze enorm complex gemaakte situatie zal de Randstedelijke Rekenkamer in het geval van Schiphol waarschijnlijk niet genoeg hebben aan de 245 pagina’s over Tata. Maar dat een dergelijk onderzoek hoogstnoodzakelijk is, mag blijken op de hand over hand toenemende weerstand tegen de activiteiten, het gesjoemel, gelieg en bedrieg door luchthaven Schiphol. Waar enkele jaren geleden niemand vraagtekens durfde te stellen bij het functioneren van deze ‘parel van de Nederlandse economie’, vindt inmiddels een meerderheid van de Nederlanders dat het wel een paar tandjes minder kan met al dat gevlieg. Eén van de belangrijkste redenen voor de gewijzigde opinie: de groeiende overlast en de precaire gezondheidssituatie van omwonenden. Onderzocht onder een representatieve selectie van alle Nederlanders – niet alleen maar burgers in de omgeving van Schiphol.
23 juni 2022, 12:24